Zie je na het verplaatsen van een plank of tv-beugel nog pluggen in de muur zitten en wil je ze netjes weghalen zonder schade? Goed nieuws: een plug uit de muur verwijderen kan vaak snel en strak. Het kan met een schroef en tang, door rustig uitboren of, bij een hollewandplug, door de plug door […]
Zie je na het verplaatsen van een plank of tv-beugel nog pluggen in de muur zitten en wil je ze netjes weghalen zonder schade? Goed nieuws: een plug uit de muur verwijderen kan vaak snel en strak. Het kan met een schroef en tang, door rustig uitboren of, bij een hollewandplug, door de plug door de wand te tikken. In dit artikel laat ik je stap voor stap zien wat werkt per type muur en plug, hoe je schade aan de muur voorkomt en hoe je het gat daarna onzichtbaar herstelt.
Voor de meeste pluggen volstaat een passende schroef, een schroevendraaier en een combinatietang of nijptang. Handig om erbij te hebben: een stukje hout als steunpunt, wat schilderstape om de muur te beschermen, een accuboormachine met fijne steenboren, een klein stanleymes om de kraag weg te snijden en een beetje kruipolie als de plug muurvast zit. Voor het afwerken gebruik je muurvuller, schuurpapier en een plamuurmes.
Voordat je begint, is het handig te weten met welk type plug je te maken hebt. De meest voorkomende is de nylon of plastic plug: een cilindervormige plug die je in massieve muren vindt. In gipsplaat of holle wanden kom je vaker een hollewandplug, vouwplug of tuimelplug tegen – herkenbaar aan een breder flansje of vleugels die achter de plaat openklapten. Metalen pluggen zitten soms dieper verzonken en zijn wat zwaarder om te verwijderen. De methode die werkt, hangt direct af van het type plug en het soort muur.
Voor het meeste werk kies ik een handschroevendraaier zodat je gevoel houdt. Een accuboormachine op lage stand met scherpe steenboor is ideaal om een plug uit te boren. Gebruik een combinatietang met brede bek voor grip. Bescherm de muur met tape of een dun plankje als steunpunt. Zo voorkom je schade aan de muur bij plug verwijderen.
In een massieve muur zoals baksteen of beton werkt de methode met schroef en tang het beste. Trek rechtstandig en rustig. Als je moet uitboren, start klein en houd het toerental laag. In zacht materiaal zoals kalkzandsteen of cellenbeton is het belangrijk om niet te wrikken. Boor de plug liever uit, anders brokkelt de rand snel.
Bij gipsplaten en andere holle wanden kom je vaak een hollewandplug, vouwplug of tuimelplug tegen. Kun je de vleugels niet invouwen, snijd dan de kraag van de plug vlak af en tik het binnenste deel met een schroevendraaier de wand in. De plug valt achter de plaat. Een vouwplug verwijderen gaat meestal het netjesst door deze gecontroleerd naar binnen te tikken in plaats van te trekken.
Heb je tegels, plak dan eerst schilderstape over de plug om wegglijden en beschadiging te voorkomen. Trek met geduld, zonder zijwaarts wrikken. Bij twijfel kun je de plug voorzichtig uitboren met een keramiekboor zonder klopstand.
Weet je niet zeker of er leidingen of kabels lopen? Controleer met een leidingzoeker. Bij elektra in de buurt is uitboren met beleid veiliger dan hard wrikken.
| Situatie | Beste aanpak | Belangrijk aandachtspunt |
|---|---|---|
| Massieve muur (baksteen of beton) | Schroef in de plug draaien en met tang recht eruit trekken | Rustig werken; lukt het niet, klein beginnen met uitboren |
| Zachte muur (kalkzandsteen of cellenbeton) | Plug liever voorzichtig uitboren | Niet wrikken, anders brokkelt de rand snel af |
| Gipsplaat of holle wand | Kraag vlak afsnijden en plug naar binnen tikken | Niet hard trekken; dat kan de plaat beschadigen |
| Tegelwand | Met tape beschermen en voorzichtig trekken of uitboren | Gebruik een keramiekboor zonder klopstand |
Maak het gat stofvrij met de stofzuiger. Is de rand rafelig, snijd loszittend pleisterwerk weg. Vul het gat in laagjes met muurvuller en strijk glad met een plamuurmes. Na drogen licht schuren en eventueel nog eens bijwerken. Wil je precies weten hoe je gaatjes strak wegwerkt, bekijk dan onze uitleg over gaatjes vullen: gaatjes en boorgaten vullen.

Ga je daarna schilderen, lees dan ook deze praktische tips voor een egaal resultaat: muren schilderen.
Te hard zijwaarts wrikken vergroot het gat onnodig. Trek liever rechtstandig met korte bewegingen. Een houten blokje onder de tang geeft een mooi hefboomeffect zonder een afdruk in de muur. Bij oude, taaie pluggen helpt een drupje kruipolie en vijf minuten geduld. En als je meerdere oude schroefgaten wilt wegwerken, werk per stuk af in plaats van overal tegelijk te schuren. Dat houdt het vlak mooier.
Twijfel je of je pluggen netjes kunt verwijderen of wil je direct de muur laten herstellen en schilderen? Via Topvakmannen.nl plaats je gratis en vrijblijvend je klus en reageren passende vakmannen uit je regio. Omschrijf je situatie en voeg foto’s toe: klussen plaatsen.
Een plug uit de muur halen kan vaak schoon en snel: eerst proberen met schroef en tang, anders rustig uitboren. Bij holle wanden duw je de plug meestal door de plaat. Werk het gat daarna strak af met muurvuller en een fijne schuurbeurt. Kom je er niet uit of wil je het direct perfect laten herstellen? Plaats je klus gratis en vrijblijvend via Topvakmannen.nl en vergelijk reacties van vakmannen uit je regio.
Werk rustig en rechtstandig. Draai een passende schroef een stukje in de plug en trek met een tang, met een houten blokje als steunpunt. Plak desnoods schilderstape rond het gat. Lukt het niet, boor de plug dan langzaam uit met een kleine steenboor. Zo beperk je schade en blijft het gat strak.
Een hollewandplug verwijderen gaat het beste door de kraag vlak af te snijden en het binnenste deel met een schroevendraaier de wand in te tikken. De plug valt achter de plaat. Trek niet hard naar buiten, want dan scheurt gipsplaat snel uit. Een vouwplug verwijderen werkt op dezelfde manier.
Probeer eerst trekken met een schroef en tang, dat geeft vaak het netste resultaat. Zit de plug vast of draait hij mee, kies dan voor uitboren. Begin met een kleine steenboor en vergroot stap voor stap. Bij harde muren zoals beton is uitboren vaak sneller en schoner dan wrikken.
Gebruik in steen of beton een scherpe steenboor en zet de klopfunctie uit tot je door de plug heen bent. Start met een kleine diameter, bijvoorbeeld 4 of 5 millimeter, en vergroot indien nodig. In tegels begin je met een keramiekboor zonder klopstand en met lage snelheid om barsten te voorkomen.
Zuig het gat schoon, verwijder losse randjes en vul in dunne laagjes met muurvuller. Strijk glad met een plamuurmes en schuur licht na droging. Grond zo nodig poreuze ondergronden. Daarna kun je overschilderen voor een onzichtbare reparatie. Extra uitleg vind je in onze handleiding over gaatjes vullen.